Tag archief: afslanken

Afvallen met de zeven deugden

afvallen dieet afslanken lijnen hormonen hormoonfactorInspiratie voor blijvend afslanken kun je overal vinden. Zo kwam ik waterfietsend in de Utrechtse grachten gisteren gebeeldhouwde stenen tegen die de zeven deugden uitbeeldden. Hier volgen suggesties hoe je ze kunt toepassen op het onderwerp afvallen.

1. Wijsheid (voorzichtigheid, verstandigheid): laat je niet meevoeren door een extreem dieet zonder goede fundering. Kies nieuwe gewoontes die bij jou passen en oefen ze één voor één.

2. Rechtvaardigheid: zorg net zo goed voor jezelf als voor anderen. ‘Wat gij niet wilt dat een ander geschiedt, doe dat ook u zelve niet.’ ;-)

3. Gematigdheid (zelfbeheersing): doe dingen waarvan je weet dat je je er nu goed bij voelt, maar over een uur of over een dag nog steeds. Gebruik je discipline om echt te genieten van eten en andere plezierige dingen, in plaats van ‘los te gaan’ en jezelf wijs te maken dat je dat verdiend hebt (of dat het toch geen zin heeft om goed voor jezelf te zorgen).

4. Moed (kracht, standvastigheid): weet dat een nieuw lichaam opbouwen tijd kost. Kies heldere doelen die echt iets voor je betekenen en sta daarvoor. Als je onderuit gaat, krabbel je weer overeind.

5. Geloof: kies ervoor om in jezelf te geloven. Niemand anders kan dat voor je doen. En alleen als je vertrouwt op jezelf, ben je in staat om dingen succesvol aan te pakken.

6. Hoop: durf te hopen op een goed leven. Wees positief over jezelf en de uitkomsten van je inspanningen.

7. Liefde: maak gezonde keuzes omdat je jezelf gunt dat je je fit, aantrekkelijk en ontspannen voelt. Omdat je meer jezelf wilt zijn. Niet omdat je nu niet mooi of leuk genoeg bent en een ander mens moet worden. Gun anderen hun eigen keuzes.

Spreken de zeven deugden je niet aan, dan vind je in je omgeving vast iets anders om inspiratie uit op te doen. Veel plezier!

Het moet op!

Het gebeurt nogal eens dat mensen dooreten als ze niet meer hoeven. Want het moet op!

Moet het op? Waarom eigenlijk? Nou, bijvoorbeeld hierom:

  1. Het moet op, want anders is het zonde dat dit eten verspild wordt.
  2. Het moet op, want anders word ik zo onrustig van dat snoep dat er staat en dan moet ik er steeds aan denken en dan eet ik het op.
  3. Het moet op, want ik heb het speciaal voor jullie gemaakt omdat ik jullie wilde verwennen.
  4. Het moet op, want anders krijg ik straks honger.

Als je goed kijkt, zijn het allemaal kromme redeneringen:

Bij punt 1: Als niemand dit eten meer hoeft, is het toch sowieso zonde dat er eten is waar niemand wat aan heeft? Dat is al pech, maar als ik het dan ook nog op moet eten is het dubbel pech. En als ik er dan te dik van word, heb ik drie keer pech.

Bij punt 2: Je zegt nu: ik ben bang dat ik dit allemaal op ga eten en om dat te voorkomen eet ik het maar meteen allemaal op.

Bij punt 3: Valt tegen mijn zin door moeten eten ook onder verwennen?

Bij punt 4: Dan is de oplossing toch om de rest van dit eten te bewaren voor het geval je straks honger krijgt?

Wie heeft er nog een andere reden om iets op te maken? Dan kunnen we kijken of we er eentje kunnen vinden die wel klopt.

Boekbeoordeling: Het Wasborddieet

Cover Wasborddieet David ZinczenkoBoektitel: Het Wasborddieet
Ondertitel: Een strakke buik in 6 weken
Auteur(s): David Zinczenko en Ted Spiker

Beoordeling van Meijke van Herwijnen

Samenvatting

Deze methode gaat uit van het slim verbruiken van calorieën in plaats van op minder calorieën binnenkrijgen. Vanwege het gezondheidsrisico van buikvet is een slanke, gespierde buik centraal gezet. Het streven is om slanke, strakke spieren op te bouwen. Daarvoor  heb je juist voedingsstoffen nodig, dus eet je op een dag zes maaltijden die goed verdeeld zijn over de tijd.

De maaltijden zijn gebaseerd op ‘krachtvoedingsmiddelen’ die positief werken op gewichtsverlies of bepaalde gezondheidsfactoren zoals cholesterol en bloeddruk. Het gaat om amandelen/noten, bonen/peulen, spinazie/groene groenten, magere zuivel, havermout, kip en mager vlees, pindakaas, olijfolie, volkoren granen, eiwitpoeder/wei en frambozen/bessen. Deze producten bevatten relatief veel eiwitten, onverzadigde vetten, vezels en/of calcium en juist weinig bewerkte koolhydraten, verzadigde vetten, transvetten en stroop. Elke maaltijd moet minimaal twee van deze krachtvoedingsmiddelen bevatten. Het boek bevat recepten en suggesties hiervoor.

Aanvullend worden er dagelijkse powershakes aanbevolen die je maakt van magere zuivel, wei/eiwitpoeder, havermout en fruit.

Vanaf de derde week van het programma start er een fitness/trainingsprogramma waarbij je drie tot vijf keer per week een krachttraining doet van 20 minuten. Dat kan thuis of op de sportschool. Op de andere dagen is het aan te bevelen om een korte, stevige wandeling te maken.

Eenmaal per week mag je een junkfoodmaaltijd plannen zodat je leuke gelegenheden niet hoeft te missen en bewust geniet van dingen die je niet dagelijks neemt.

Bestel dit boek bij een internetboekhandel

Achtergrond van de auteur

David Zinczenko is hoofdredacteur van het Amerikaanse blad Men’s Health. In die functie heeft hij zich uitgebreid verdiept in (populair-)wetenschappelijke materie over slank en fit worden en blijven.

Schrijfstijl

Vlot, duidelijk.

Welke positieve dingen biedt het boek?

  • Het is vooral gericht op mannen, voor wie er relatief minder dieetboeken beschikbaar zijn.
  • Een spiekbrief op pagina 17-18, waar je snel de hoofdlijnen weer kunt oppikken als je het boek eenmaal een keer gelezen hebt.
  • Het gaat niet uit van calorieën beperken, maar van het slim verbruiken van energie zodat je afvalt, niet meer aankomt en je fit voelt. Dat betekent dat je goed voor jezelf moet zorgen in plaats van jezelf dingen te onthouden.
  • De informatie in het boek is hierdoor ook anders dan bij veel andere boeken en op veel punten nuttig. Bijvoorbeeld het stukje dat uitlegt dat vooral de naverbranding na fitnessoefeningen bijdraagt aan het verbruiken van vetten en dat je je niet moet laten ontmoedigen als je op een apparaat ziet dat je al zwoegend maar een paar honderd calorieën hebt verbruikt.
  • Er staan sowieso veel leuke feiten en weetjes in over hoe je lichaam werkt en over gezondheid en ziekte.
  • Alle elementen van de aanpak zijn onderbouwd met wetenschappelijk onderzoek.
  • Inspiratie om de verschillende maaltijden van de dag eens anders in te vullen, met recepten die niet ingewikkeld zijn en geen ongebruikelijke producten bevatten.
  • Duidelijke foto’s van de fitnessoefeningen, zodat je ze thuis kunt doen.

Wat zijn de beperkingen?

  • Op de kaft van het boek staat ‘voor mannen en vrouwen’, maar het boek is duidelijk voor mannen gemaakt. Alle voorbeelden van deelnemers die erin staan, gaan ook over mannen die zijn afgevallen (behalve één marathonloopster van 1,70m lang, die afvalt van 58 naar 54 kilo…).
  • Mannen vallen gemakkelijker af dan vrouwen door hun andere lichaamssamenstelling (en omdat ze over het algemeen minder vaak gelijnd hebben). De belofte dat je in zes weken 8-10 kilo afvalt, zal voor vrouwen niet waargemaakt worden. Er is overigens een versie van het Wasborddieet voor vrouwen (nog niet door mij gelezen).
  • Ik vraag me af of de powershakes met een poedertje niet weggelaten hadden kunnen worden, zodat je gewoon normale dingen kunt eten.
  • In de uitwerking van het dieet is de Amerikaanse basis nog wel merkbaar, bijvoorbeeld door het veelvuldig gebruik van pindakaas (ook in de powershakes) en voorbeelden als ‘wat eet je bij de bowlingbaan’.
  • Het volgen van deze methode vraagt behoorlijk wat van je dagschema, omdat je zes eetmomenten moet plannen en voorbereiden en vrijwel dagelijks training of wandelen.
  • Het trainingsschema start weliswaar pas in week 3, maar vraagt wel van je dat je 3-4 keer per week gaat trainen en bij voorkeur nog twee keer stevig wandelen. Ik kan me voorstellen dat mensen zeggen: als ik 5-6 keer per week ga sporten ga ik natuurlijk slanker worden, daar heb ik geen boek voor nodig om dat te snappen, maar dat wil ik niet of red ik niet.
  • Hoewel de foto’s van de fitnessoefeningen voor thuis duidelijk zijn, zijn het wel heel veel verschillende plaatjes en zeker een onervaren iemand zal het als een forse klus beschouwen om al die plaatjes te bestuderen en de oefeningen te doen. Tegen de tijd dat je ze een beetje door hebt, ben je aan het eind van week zes en zou je je resultaat al moeten hebben. Maar ik acht de kans groter dat je afhaakt en al die oefeningen niet gaat uitzoeken en doen.
  • Het boek besteedt weinig tot geen aandacht aan afhaken of tegen problemen aanlopen bij het afvallen en gezond (blijven) eten.

Wanneer heb je waarschijnlijk iets aan dit boek?

  • Als je goede, feitelijk onderbouwde achtergrondstukjes wilt lezen over afvallen, de werking van het lichaam en gezondheid en ziekte.
  • Als je een beetje een stoere aanpak wilt.
  • Als je je aangesproken voelt door regelmatig en stevig eten.
  • Als je ervoor voelt om fitnessoefeningen te doen, thuis of op een sportschool.
  • Als je bereid bent om een dagschema aan te houden voor je maaltijden en die ook wilt voorbereiden.

Wanneer waarschijnlijk niet?

  • Als je onregelmatig leeft en dat niet kunt of wilt veranderen, met name qua eetpatroon.
  • Als je geen zin hebt in fitnessoefeningen.
  • Als de krachtvoedingsmiddelen je niet aanspreken.
  • Als je gewoon dag- of weekmenu’s wilt volgen en niet zelf wilt nadenken.
  • Als je met name geïnteresseerd bent in de mentale/emotionele kant van (over)eten.

Bestel dit boek bij een internetboekhandel

Versgeperst vruchtensap

Je kunt ze steeds vaker onderweg kopen: flesjes versgeperst vruchtensap. En misschien maak je ook regelmatig zelf een glaasje, want vers sap heeft een gezond imago.

Aan dat imago kleven een paar risico’s. Bijvoorbeeld dat je denkt dat vruchtensap drinken gelijk staat aan fruit eten. Bij het persen blijft echter vaak een deel van het vruchtvlees achter in de pers. En misschien laat je je sap even staan, of koop je het in een fles die al een tijdje staat (of zelfs gepasteuriseerd sap bevat). Dan verlies je voedingswaarde. Als je een stuk fruit neemt en dat meteen opeet, heeft dat een betere voedingswaarde dan sap.

Een tweede aandachtspunt is dat je gemakkelijk drie of vier porties fruit opdrinkt in sapvorm. Of misschien nog veel meer, als je een halve literfles leegdrinkt. Zoveel sap ineens geeft een flinke hoeveelheid suikers en calorieën. En waar je bij een stuk fruit eten niet zo bang hoeft te zijn voor de suikers (er komen immers tegelijkertijd allerlei vitamines, mineralen en vezels binnen, dus het is volwaardige voeding), heeft vruchtensap ook iets weg van limonade.

Als je dit in gedachten houdt, kun je vast goede keuzes maken voor jezelf. Bijvoorbeeld je fruit niet vervangen door sap, maar gewoon uit de hand eten. Zo vaak mogelijk sap maken met zowel groente als fruit erin. Je sap persen vlak voordat je het opdrinkt. Of op een feestje geen vier glazen sinaasappelsap of appelsap achter elkaar voor jezelf inschenken (zeker niet uit een pak!), maar kiezen voor water of spa, of een rondje overslaan omdat je geen dorst meer hebt.

Als je wilt afvallen, moet je toch minder eten?

Een vraag die ik regelmatig krijg: Als het mij lukt om helemaal in balans te komen en alleen de voeding te nemen die mijn lijf nodig heeft (niet meer en niet minder), hoe kan ik dan afvallen? Blijf ik dan niet gewoon alleen stabiel in mijn gewicht? Ik zal uiteindelijk toch minder calorieën moeten nemen en meer moeten verbranden om gewicht te verliezen?

Klinkt logisch! Moet je dus expres te weinig gaan eten om af te vallen? Het antwoord is: nee, je moet wel stoppen met teveel eten, maar je moet zeker ook geen honger gaan lijden.

De gedachtegang van deze vraag ontstaat als je eten en je gewicht als een rekensommetje gaat beschouwen: als je x calorieën teveel eet, kom je y kilo aan en als je x calorieën minder eet, val je y kilo af. Die benadering wordt vaak gekozen. Alleen klopt hij niet. Je lichaam doet niet aan wiskunde, maar aan biologie. ;-)

Je lichaam slaat vet op om te overleven. Hoe meer onzekerheid er is, des te meer reserves wil je lichaam hebben. Net als mensen die in onzekere tijden leven en die proberen om geld te bewaren op allerlei plekken. Als je je lichaam consequent goed verzorgt (o.a. genoeg eten, water, zuurstof en rust, niet teveel stress en gifstoffen die verwerkt moet worden), neemt de onzekerheid af en dus de behoefte aan vetreserves.

Een voorbeeld: mensen vallen soms af als ze eindelijk genoeg gaan slapen, zelfs als ze niets aan hun calorie-inname of hun beweegpatroon veranderen. Je lichaam kan immers ook van binnen veranderen. En als je stofwisseling en/of je hormoonhuishouding beter gaat draaien, worden de voedingsstoffen en de brandstof die binnenkomen beter verwerkt. Dat kun je vergelijken met een weg waar evenveel auto’s overheen rijden, maar waar de verkeerslichten, de invoegstroken en de kruispunten verbeterd worden. Die gaat beter doorstromen en krijgt minder file.

Dit neemt natuurlijk niet weg dat iemand die teveel eet, zal aankomen. En iemand die weinig beweegt, houdt een slechtere stofwisseling en een slechtere conditie, waardoor je minder energie verbruikt en dus zwaarder blijft. Maar ook dat is eerder biologie dan wiskunde.

Is jouw buik te dik (of je middelomtrek te groot)?

freeimage-6268679-webVaak kijken mensen vooral naar hun gewicht op de weegschaal. Of naar hun BMI, wat eigenlijk hetzelfde is want die geeft aan wat de verhouding is tussen je gewicht en je lengte. En je lengte verandert niet zomaar, dus ben je alsnog met je gewicht bezig.

Alleen geeft je gewicht in kilo’s eigenlijk niet zulke goede informatie. Want wat meet je eigenlijk: vet, vocht, spieren? Iemand die sport en beweegt, zou bijvoorbeeld zwaarder kunnen worden omdat hij spieren opbouwt en vet verliest. Spieren zijn zwaarder dan vet. Maar intussen wordt zijn figuur wel beter en zijn gezondheid ook.

Daarom is je middelomtrek (oftewel je buikomvang) een betere maat voor hoe je ervoor staat.

Hoe meet je je buikomvang?

Neem een meetlint en leg dat om het smalste deel van je middel. Dat zou ongeveer in het midden moeten zijn tussen de bovenkant van je heupbot en de onderkant van je onderste ribben.

Zorg dat het meetlint recht ligt, dus achter even hoog als voor. Meet bij voorkeur bij een lange spiegel, zodat je dat kunt zien. Adem rustig uit en trek het meetlint glad om de omtrek af te lezen. Je kunt hem meten met 1 cijfer achter de komma, bijvoorbeeld 90,2 cm.

Het is misschien verleidelijk om het lint extra strak aan te trekken, maar zie het maar zo: als je dat doet, kun je het de volgende keer niet zien als je een centimeter kwijtgeraakt bent. ;-)

Wat zijn de normen voor de buikomvang/middelomtrek?

  • Bij volwassen vrouwen wordt aangehouden dat een middelomtrek onder de 80 cm gezond is. Zit je tussen de 80 en 89 dan is dat niet meer zo gezond en boven de 89 is er echt gezondheidsrisico.
  • Bij volwassen mannen is onder de 94 cm gezond, tussen de 94 en 99 is niet meer gezond en boven de 99 is er echt gezondheidsrisico.

Dit zijn algemene normen, die je dus ook alleen een algemene indruk kunnen geven. Wat misschien wel interessanter is, zijn veranderingen in je middelomtrek. Als je teveel buikvet hebt en gezonder gaat leven en beter voor jezelf gaat zorgen, zie je je middelomtrek waarschijnlijk dalen. Dat is een goed teken.

Een te dikke buik, wat nu?

Als je buikomvang te groot is volgens je meting, betekent dat, dat je volgens de normen teveel vet hebt in je buikholte en onder je huid rond je middel. Ook bij een gezonde BMI kun je relatief veel vet juist op die plek hebben. Dat is jammer, omdat vet in je buikgebied de meeste gezondheidsrisico´s geeft.

De verdeling van het vet over je lichaam heeft deels met aanleg en erfelijkheid te maken. Maar je kunt er ook invloed op uitoefenen. Als je gezond eet, ongeveer anderhalve liter water/vocht drinkt per dag en elke dag minstens een half uur beweegt helpt dat om minder vet en meer spierweefsel te krijgen. Dat zul je merken aan je figuur. Speciaal buikspieroefeningen gaan doen helpt overigens niet om meer vet rondom je middel te verbranden. Als je sport of beweegt en daarbij  vet verbrandt, wordt dat vet door je hele lichaam heen ‘opgehaald’, naar de lever gebracht en omgezet zodat het verbruikt kan worden.

Wat mensen vaak niet weten, is dat ook stress en slaapgebrek ervoor kunnen zorgen dat je meer vet rond je middel krijgt (en sowieso zwaarder wordt). Dat heeft ermee te maken dat je hormoonhuishouding verstoord wordt. Genoeg slapen en ontspannen is dus belangrijk

Kortom: alle dingen die toch al goed voor je zijn, zijn ook goed voor je middelomtrek. Op deze site vind je heel veel tips en artikelen die je kunnen inspireren.

Nooit meer ongezond snacken

Voor veel mensen een hele uitdaging: stoppen met ongezond snacken en snaaien. Het wordt haast een onmogelijke opgave als je daarmee bedoelt dat je nooit meer iets lekkers mag, omdat je daar dik van wordt of omdat het ongezond is. Dat je voortaan dus alleen maar gezonde dingen mag eten als je honger hebt. En verder niets.

Misschien wordt het leven wat gemakkelijker en leuker als je een betere omschrijving kiest voor ‘ongezond snacken’. Bijvoorbeeld: ongezond snacken is iets eten met weinig voedingswaarde, terwijl ik honger heb en mijn lichaam dus voeding nodig heeft (en er best gezond eten te krijgen is).
Ongezond snacken is ook iets te eten nemen dat ik niet superlekker vind, terwijl ik ook geen honger heb. Dan heb je er namelijk niets aan, maar je krijgt wel calorieen binnen.
Nog een vorm van ongezond snacken: is iets heel lekkers eten zonder te proeven. Daar valt ook onder: jezelf wijsmaken dat je proeft, terwijl je niet echt op de smaak let maar vooral tegen jezelf zegt dat het heel lekker is en dat je niet wilt stoppen met eten. Geeft geen voldoening namelijk.

Wat ik zeker niet als ongezond snacken zou betitelen: zin hebben in iets heel specifieks, dat voor jezelf regelen en ervoor gaan zitten om dat heel goed te proeven. Hap voor hap genieten tot je genoeg hebt en dan de rest wegdoen omdat je de ervaring alleen maar tekort zou doen als je er verder van eet terwijl het bijzondere eraf is. En dan blij zijn dat je zoiets lekkers hebt geproefd.

Dat is geen ongezond snacken. Dat zijn zeldzame momenten dat je extra geniet van het leven.

Hunkeren naar eten

In de Telegraaf van woensdag stond een artikel waarin onderzoekster Dorothy Virtue vertelt naar welk type eten je hunkert bij verschillende stemmingen – en wat gezonde alternatieven zijn. Hieronder lees je het artikel.

Zo’n zelfde lijstje heb ik in het boek ‘Weg met de Weegschaal’ gezet op basis van mijn eigen observaties, dus vond ik het leuk om te zien dat het officieel door onderzoek onderbouwd is. Alleen heb ik er niet bij vermeld wat de ‘gezonde alternatieven’ zijn om te nemen bij elk van die emoties.

Dat zou ik nu nog steeds niet doen eerlijk gezegd. Want is het niet een kromme redenering om te zeggen: “als je behoefte aan een knuffel hebt, kun je beter ontbijtkoek eten dan cake”? Ik zou zeggen: als je behoefte aan een knuffel hebt, regel dan die knuffel. Of ga kijken hoe je in die stemming gekomen bent, zodat je volgende keer eerder kunt ingrijpen en je beter blijft voelen.

P.S. Als ik behoefte heb aan toffees, krijg je er bij mij geen suikervrije dropjes in hoor. :-)

– – – – –

De Telegraaf, 28 september 2011

Waarom we eetbuien hebben

AMSTERDAM – Opeens heb je een ongekend verlangen naar snoep, chips en chocolade. Zodra je eraan toegeeft, kun je niet meer stoppen!

Iedereen kent het wel: je hebt eindelijk de keuze gemaakt om gezond te eten. De koekjes en chips belanden in de kliko en de koelkast puilt uit met groenten en fruit. Je voelt je gezond en gelukkig, maar dan komt op het werk een schaal met cakejes voorbij… ‘eentje kan toch geen kwaad?’ Voordat je het doorhebt, heb je er al twee naar binnen gewerkt en zijn al je goede voornemens verdwenen. Psychotherapeut Dr. Dorothy Virtue onderzocht alle soorten ‘hunkeringen’ en kwam erachter op welke momenten we naar specifiek eten verlangen. De opvallende resultaten deelde Dorothy met The Daily Mail.

Knapperig

Boos, bitter en gefrustreerd? Dan heb je waarschijnlijk zin om die zak chips leeg te eten. Eten dat ‘kraakt’ zoals popcorn en crackers helpt bij het verlichten van spanning in het lichaam.

Alternatief: selderij, worteltjes, rijstwafels en appels

Romig

Angstig, onzeker, beschaamd en schuldig? Dan hunker je sneller naar romig en zacht voedsel, zoals ijs of kaas, omdat dit ontspannend en troostend zou zijn. Stofjes die in melk zitten, werken rustgevend en geven een ‘feel-good’ gevoel. Daarnaast zorgt de suiker voor meer energie en een betere stemming en werkt de romige, gladde textuur geruststellend.

Alternatief: 30+ kaas, avocado’s, Griekse yoghurt met vers fruit

Plakkerig

Lang onderdrukte gevoelens van jaloezie, verwarring of afkeer? Dan is de drang om op iets te kauwen hoog, omdat dit spanning en verwarring helpt te verminderen. Toffees, kauwgom en noga zijn vaak boosdoeners.

Alternatief: magere mozzarella, suikervrije dropjes en kauwgom

Koolhydraten

Gestrest of gespannen? De geur, textuur en smaak van brood, rijst en pasta hebben een sterk stemmingsveranderende eigenschap. Als je toegeeft aan deze hunkering heb je meer kans op gewichtstoename omdat het lichaam op dat moment denkt dat het in gevaar is, doordat je bloot staat aan veel stress. Je lichaam gaat vervolgens over in ‘overlevingsmodus’ en slaat alles direct op als vet, voor mindere tijden.

Alternatief: roggebrood, zilvervliesrijst, sesamcrackers, taugé

Cake en koekjes

Net als koolhydraten, geven cakejes en koekjes een rustgevend gevoel. Het weerspiegelt een verlangen naar troost en geruststelling, dus het is echt ‘comfort food’. Wat je dus eigenlijk zegt is ‘ik heb een knuffel nodig’!

Alternatief: Indische cake, volkerenbeschuit, ontbijtcrackers, plakje ontbijtkoek

Chocolade

Teleurgesteld in een relatie of juist behoefte aan liefde? Dan wenden we ons sneller naar chocolade. Het bevat namelijk een stofje dat voor gelukkige gevoelens zorgt.

Alternatief: pure chocolade, zelfgemaakte smoothie met cacao

Pittig

Hunker je naar meer opwinding en intensiteit in je leven? Pittige, zure of exotische voedingsmiddelen geven het gevoel van sensatie, nieuwigheid en verandering.

Alternatief: radijsjes, augurken, chilisaus, gemberthee

Heb je je toch laten gaan?

Lukt het toch niet om jezelf onder controle te houden, dan kun je altijd nog je keuken de schuld geven. Want wat we daar het eerste zien, willen we het liefste eten. Zorg er dus voor dat ongezonde snacks verstopt zijn en je keuken vol ligt met groente en fruit. Stop de ongezonde dingen achterin de koelkast en zet de salades voorin.

Het volgende kan ook helpen:

  • Schilder je keukenmuren in natuurlijke tinten. Felle kleuren geven te veel prikkels wat ervoor zorgt dat je sneller en meer eet. Donkere kleuren stimuleren langzamer eten;
  • Een aparte eetruimte houdt alle lekkere geurtjes buiten, waardoor je minder snel nog een keer opschept;
  • Kleine borden, kommen, bestek en opscheplepels zorgen ook voor kleinere porties;
  • Kies voor dichte keukenkastjes zodat je niet ziet wat voor lekkers erin staat;
  • Eet niet voor de tv of computer, eet liever aan tafel. Dan ben je bewuster bezig met wat je eet en kun je beter aanvoelen wanneer je genoeg hebt gehad.

 

Eindelijk mag het!

111020 zwanger (3)Als ik straks zwangerschapsverlof heb, mag ik…

… dingen doen die ik leuk vind
… uitrusten als ik moe ben
… eten als ik honger heb
… mijn eigen tempo bepalen
… lekker vroeg naar bed gaan als ik slaap heb
… heel goed voor mezelf zorgen
… hulp vragen als ik die nodig heb
… onbelangrijke dingen van me afzetten

Hee, eigenlijk verandert er dus niks!

En bij jou? Wordt het bij jou al tijd dat je net doet alsof je vrijwel elke dag zwangerschapsverlof hebt?

Doorslaan en eetbuien

Veel mensen die lijnen of gelijnd hebben, zullen het herkennen: een tijd lang goed bezig zijn en dan ineens doorslaan en (bijna) niet meer in het gareel kunnen komen. Er is niet een bepaalde oorzaak voor; je eerste moment van ‘losgaan’ kan door van alles komen. Maar een aantal veel voorkomende oorzaken zijn:

  • Te weinig eten (of te weinig voedzame dingen eten), waardoor je lichaam op een gegeven moment ingrijpt en de schade in gaat halen. De overlevingsdrang van je lichaam is zo sterk dat je het niet kunt blijven winnen, hoeveel discipline je ook hebt. Op een gegeven moment geef je je over.
  • Steeds denken in regels en verboden, waardoor je op een gegeven moment opstandig wordt of jezelf zielig gaat vinden en gewoon behoefte krijgt om je even niet meer aan de regels te houden.
  • Iets in je omstandigheden waardoor je je discipline kwijtraakt om steeds gezonde keuzes te maken, bijvoorbeeld vermoeidheid of stress. Die twee dingen zorgen trouwens ook voor meer zin in eten, vooral in zoete dingen. Dat heeft met je hormoonsysteem te maken.

Als je je eenmaal een keer hebt uitgeleefd, heeft dat natuurlijk allerlei effecten op je. Misschien krijgt je lichaam ineens een hoop suiker binnen, waardoor je energiehuishouding en je hormoonsysteem in actie komen – en je waarschijnlijk zin krijgt in meer suiker. Of je denkt: “Nu is het verpest, dus ik kan net zo goed doorgaan met alles eten wat los en vast zit.”. Je kunt je bijvoorbeeld ook schuldig voelen of teleurgesteld zijn in jezelf, omdat je het weer niet hebt volgehouden. In de meeste gevallen is je zelfvertrouwen in ieder geval een stuk kleiner geworden. Geen goede basis om je dieet weer rustig op te pakken.

De beste manier om doorslaan, eetbuien en terugval te voorkomen is dus niet om in hetzelfde kringetje te blijven draaien: streng zijn tegen jezelf tot je het niet meer volhoudt en dan na een tijdje weer streng zijn (ook om jezelf te straffen voor de terugval) tot je het niet meer volhoudt. enzovoort. Wees eerlijk: je hebt al bewezen dat het niet werkt. Je lichaam raakt van slag en je vertrouwen neemt af.

Wat wel helpt: je dieetregime vervangen door een plan om in alle opzichten goed voor jezelf te zorgen. Kijk maar eens naar het lijstje met oorzaken. Die dingen vervallen als je alles krijgt wat je nodig hebt, zowel voor je lichaam als voor je geest. Oefenen in voor jezelf zorgen is misschien niet de snelste oplossing als je wilt afvallen, maar je gaat je wel in alle opzichten beter voelen en je lost de oorzaken van je overgewicht voorgoed op. Stel je eens voor wat een omslag dat zou geven!

1 3 4 5 6